Terug naar de symmetrie
Al snel na 1770 werd men die zwierige Rococo-
En alweer kijkt heel Europa naar Parijs.
De nieuwe mode wordt weer beduidend strakker en verfijnder, gracieuzer en voornamer. Er komen weer tal van klassieke motieven naar voren: palmetten, schelpen, voluten (=spiralen), eierlijsten, parellijsten, tandlijsten, gordijnkwasten. De cartouche duikt op. Het gestrikte lint wordt populair.
Symmetrie wordt weer de regel. Ook komen nu geometrische vormen zoals: rechthoek, vierkant, cirkel en ovaal op de kunstvoorwerpen en in de gevelversieringen voor.
Terug naar de puurheid van de oudheid
De Lod. XVI-
Kunstenaars baseerden zich vooral op de fantasievolle ideeën van de oude Grieken, omdat in die tijd Griekenland ontoegankelijk Turks territorium was. Alleen een paar archeologen reisden er door het land.
Maar wat zij aan tekeningen en voorwerpen meebrachten, ontketende een soort hype. Mensen kleedden zich grieks, dineerden op zijn grieks en bouwden tuinen met ruïnes op zijn grieks.
Rechte lijnen domineren in de stijl tezamen met het vormenrepertoire van de Antieken.
Dankzij filosofen als Rousseau en Diderot stond natuur en natuurbeleving centraal in de stijl.
Wat de hype van de interesse in de Klassieke oudheid nog verder verhevigde, waren de opgravingen van Pompei en Herculaneum.
Men noemt de kunstuiting van deze periode dan ook wel de Classicistische stijl.
Deze is te verdelen in 2 perioden: van 1770 -
Beide stijlen lopen in ons land wel wat geleidelijk in elkaar over en zijn voor wat de snijramen betreft, niet zo eenvoudig van elkaar te onderscheiden.
De Classicistische periode is te beschouwen als de gouden eeuw voor de bovenlichten, juist in deze tijd neemt het aantal snijramen in de bovenlichten zienderogen toe en is er een enorme creativiteit. Waarbij geprobeerd wordt om van elk raam een uniek stukje kunst te maken.
Het snijraam in Amersfoort toont bovenin de linten, die langs opzij afhangen. In het midden zien we de bebladerde festoenen, die een krans vormen en onderin twee langgerekte gekruiste acanthusbladeren.
Er is geen zekerheid dat dit een oud raam is. Mogelijk is dit in later tijdstip in deze stijl gesneden.
Snijraam in de stijl van Lod. XVI
De krans is hier nog echt duidelijk een aan een lint opgehangen krans, als het ware bengelend voor de geometrisch vormgegeven achtergrond.
Groenburgwal. Lod XVI bovenlicht
Het acanthusloof wordt in deze periode verfijnder en langgerekter.
In het snijraam van de Herengracht is de strikte symmetrie goed te zien. De classicistische arabesken/grotesken leveren nu ook het motief om ingewikkelde symmetrische vormen te maken. Het is hier eigenlijk meer een bundeling van acanthusbladeren die van boven en van onderen uiteenwijken om het totale venster te vullen.
AMERSFOORT
AMSTERDAM
LODEWIJK XVI 1750 -
LOD. XVI -
Op de Herengracht 178 is dit Lod. XVI-
Let vooral op het geknoopte lint, de gekruiste takken en de toegepaste symmetrie.
Herengracht 178, Lod. XVI-